De een begint er weloverwogen aan, bij de ander is het ‘vanzelf’ ontstaan. ‘Verzamelen veel meer is dan een hobby. Het is een psychologisch, sociaal en soms zelfs ethisch geladen bezigheid. Een manier om grip te krijgen op een wereld die steeds chaotischer aanvoelt.’ Pieter Ter Keurs (1956) is antropoloog en specialist op het gebied van verzamelen.
‘Verzamelen is iets fundamenteel menselijks’, stelt Ter Keurs. ‘Het is een manier om om te gaan met de buitenwereld. Die drang om spullen om je heen te verzamelen is universeel. Of het nu gaat om kunstwerken of luciferdoosjes, het verschil zit niet in de motivatie, maar in de middelen en de sociale context. Wat je verzamelt, hangt vaak af van je financiële mogelijkheden en je maatschappelijke positie. Dat betekent dat een kunstverzamelaar en een theezakjesverzamelaar in wezen dezelfde behoefte vervullen. De drang om te verzamelen is fundamenteel hetzelfde,’ zegt Ter Keurs. ‘Het gaat om het creëren van een omgeving waarin je je prettig voelt.’
Verzamelen kan een publieke daad zijn, een manier om status en prestige te tonen. Denk aan koningen, keizers en rijke burgers die hun macht etaleerden via hun collecties. Maar het kan ook een intieme bezigheid zijn. ‘Er zijn verzamelaars die hun collectie juist niet willen laten zien. Ze creëren een privéwereld, een soort paradijsje, waarin ze zich veilig voelen. Dat geldt ook voor verzamelaars van alledaagse objecten. Iemand die theezakjes verzamelt, kan daar net zoveel voldoening uit halen als iemand die zeventiende-eeuwse kunst verzamelt. Sommigen willen hun verzameling delen met vrienden, anderen houden het liever voor zichzelf.’
Wat en dat je verzamelt hangt vaak samen met je eigen geschiedenis
Bij fanatieke verzamelaars speelt vaak een psychologische component mee. Trauma’s, frustraties of onvervulde ambities kunnen de aanleiding zijn. ‘Soms komt het voort uit een slechte relatie met een ouder, of het niet behalen van een academische titel. Verzamelen kan dan een vorm van compensatie zijn. Dit is overigens lang niet altijd bewust. Wat en dat je verzamelt hangt vaak samen met je eigen geschiedenis, zelfs als je dat zelf niet doorhebt. Een fascinatie voor Indonesische kunst kan bijvoorbeeld voortkomen uit een jeugdherinnering aan een houten beeldje.’
Hoewel verzamelaars vaak als individualisten worden gezien, hebben ze toch een netwerk nodig. ‘Zelfs de meest fanatieke verzamelaars zoeken contact met experts, conservatoren of andere verzamelaars. Niet voor gezelligheid, maar om te praten over hun verzameling. Ik heb verzamelaars gekend die nauwelijks sociaal waren, maar wel een hechte band hadden met een conservator omdat die hun passie deelde. Het is een vriendschap op basis van fascinatie, niet per se op basis van het hele leven. Verzamelen is namelijk een manier om relaties aan te gaan. Voorwerpen zijn uitstekende uitruilmiddelen. Met het uitruilen van voorwerpen deel je een stukje van je persoonlijkheid. Dat maakt verzamelen tot een sociaal en ideologisch belangrijke bezigheid. Het is niet alleen het bezitten van spullen, maar ook het ordenen, categoriseren en betekenis geven. Verzamelaars draaien hun objecten om, bekijken ze van alle kanten, en geven ze pas na weken een vaste plek in huis. Dat is het moment waarop het object is geaccepteerd.’
In een tijd waarin de wereld steeds chaotischer en onvoorspelbaarder lijkt, neemt het verzamelen toe, lijkt het. ‘Ik kan het niet bewijzen, maar er zijn steeds meer tijdschriften over verzamelen. Ook zijn er steeds meer, vooral jonge, mensen met geld die moderne kunst verzamelen en ook in arbeiderswijken zie je verzamelingen van kerststallen, poppen of heksenbeelden achter de ramen. Verzamelen is dus niet gebonden aan klasse of leeftijd. Het is een manier om orde te scheppen in de chaos. Een poging om grip te krijgen op een wereld die steeds complexer wordt, zo lijkt het.’

Als de conclusie is dat er in de basis geen verschil is in de verschillende vormen van verzamelen is er ook geen verschil tussen verzamelen en hoarden (extreme verzameldrang, red.) ‘Voor mij is er inderdaad geen fundamenteel verschil,’ zegt Ter Keurs. ‘Hoarden is een extreme vorm van verzamelen. Het verschil zit niet in de intentie, maar in de mate waarin het verzamelen het leven gaat beheersen. Waar hoarders vaak alles bewaren, zonder selectie, gaat het bij verzamelaars om het ordenen en categoriseren. Maar ook hoarden is een reactie op de buitenwereld. Het is een manier om controle te krijgen over wat er op je afkomt.’
Een actueel thema als het gaat om het verzamelen van kunst is de zogenaamde ‘roofkunst’. Wat doe je met objecten die ooit zijn geroofd of onder druk verkregen? Ter Keurs pleit voor nuance. ‘Niet alles is gestolen. Soms zijn objecten gegeven als geschenk, als uitruil, of als teken van vriendschap. Ik heb veel situaties meegemaakt dat je als onderzoeker van alles aangeboden krijgt. Soms zeiden ze: het maakt niet uit wat je betaalt, maar via dit voorwerp hebben wij nu een ambassadeur in Nederland. In zulke gevallen is het weigeren van het geschenk juist onbeschoft. En dan is het uiteindelijk niet geroofd. Ik vind het overigens goed dat er kritisch gekeken wordt naar alle kunst en goed nagedacht wordt over het teruggeven van objecten. Als het maar goed wordt uitgezocht. En dat is echt niet zo eenvoudig. Als je een belangrijk voorwerp teruggeeft aan de verkeerde tak van een familie, kun je een conflict veroorzaken, bijvoorbeeld. Je moet daarom weten wat het voorwerp betekent binnen de (lokale) context.’
Een poging om grip te krijgen op een wereld die steeds complexer wordt
In doopsgezinde kringen is er een levendig gesprek gaande over erfgoed. Het Doopsgezind Erfgoedcentrum is onlangs opgericht en veel kerken zijn bezig met hun gebouw en alles in dat gebouw. Ze zijn vooral met de vraag: wat doen we ermee, zeker als we te klein worden om het allemaal te kunnen behouden en onderhouden? Ter Keurs: ‘Niet alleen de objecten zijn belangrijk, maar ook de verhalen erachter. Een object is pas erfgoed als het een verhaal draagt. Via die verhalen geven we geschiedenis vorm. Dat geldt voor kerkelijke spullen, tropische planten én theezakjes. Het gaat niet alleen om de materiële waarde, maar om de betekenis die eraan wordt gegeven. Dus het is essentieel dat je vooral die context en de verhalen blijft vertellen en vooral die bewaart. Het erfgoed zelf is vooral het verhaal, meestal.’
‘Verzamelen is veel meer dan het bijeenbrengen van spullen. Het is een manier om jezelf en de wereld te begrijpen. Een poging om orde te scheppen in de chaos. En misschien, heel misschien, om een stukje paradijs te creëren – thuis, in een vitrine, of gewoon in je hoofd.’
Pieter Ter Keurs (1956) is cultureel antropoloog en emeritus hoogleraar musea, collecties en samenleving en hij was directeur van het Leiden-Delft-Erasmus Centre for Global Heritage and Development. Hij hield zich de laatste jaren onder andere bezig met het thema verzamelen. Van zijn hand verscheen in 2024 het boek Verzamelen. De drang om te bezitten.
Dit stuk verscheen eerder in Mondig 5 2025.
Tekst: kalle Brüsewitz
Beeld: Pieter Ter Keurs